GIANNOU STRUCTURAL MODEL (GSM)

Giannou Structural Model (GSM)

Een evidence-based structureel model voor de vergelijkende analyse en classificatie van stelsels voor voor- en vroegschoolse educatie.

Wat is het Giannou Structural Model?

Het Giannou Structural Model (GSM) is een structureel model voor de systematische beschrijving, vergelijking en classificatie van nationale stelsels voor voor- en vroegschoolse educatie op basis van hun institutionele en pedagogische architectuur.

Het model rangschikt landen niet als beter of slechter. Het brengt vergelijkbare structurele kenmerken in kaart en ordent stelsels in zes stabiele Structurele Prototypes (T1–T6) en één afzonderlijk Transitioneel Structureel Type (T7).

Waarom structurele analyse?

Structurele analyse maakt het mogelijk verschillende stelsels te vergelijken aan de hand van gemeenschappelijke, duidelijk gedefinieerde velden, zonder officiële institutionele regelingen te verwarren met de dagelijkse praktijk. Zo worden terugkerende patronen in organisatie, regulering en pedagogische oriëntatie zichtbaar.

EVIDENTIEBASIS

Officiële bronnen en documentatie

De structurele analyse van het GSM is gebaseerd op openbaar beschikbare en verifieerbare officiële documentatie. Bronnen worden onderzocht als bewijs voor de institutionele en pedagogische regelingen van elk nationaal stelsel.

Officieel Openbaar Verifieerbaar

Primaire nationale bronnen

De primaire evidentie is afkomstig van bevoegde nationale autoriteiten en officiële regelgevende of pedagogische documenten.

  • Curriculumkaders
  • Wet- en regelgeving en ministeriële besluiten
  • Officiële curricula en richtlijnen voor pedagogisch professionals en leraren
  • Nationale beleids- en regelgevingskaders

Internationale documentatie

Internationale institutionele bronnen worden aanvullend gebruikt voor kruiscontrole, vergelijkende context en documentatie van stelsels.

  • OECD
  • UNESCO
  • Eurydice
  • Europese Commissie
1Officieel document
2Extractie van evidentie
3Beoordeling van het Structurele Veld
4Validatie

STRUCTURELE BASIS

De 18 Structurele Velden

Elk nationaal stelsel wordt geanalyseerd aan de hand van achttien vooraf gedefinieerde Structurele Velden. Dit zijn de primaire invoervariabelen van het GSM en zij bieden een gemeenschappelijke analytische taal om institutionele, bestuurlijke, pedagogische en organisatorische kenmerken systematisch in kaart te brengen.

De velden zijn uitsluitend voor conceptuele ordening en presentatie ondergebracht in vijf Structurele Domeinen. Structurele Domeinen worden niet beoordeeld en zijn niet hetzelfde als de vijf Structurele Assen.

A. Bestuur en governance

Institutionele organisatie, bestuurlijke structuur, professionele en pedagogische autonomie en toezichtmechanismen.

GSM-01 Categorisch

Governancemodel

Beschrijft de mate van centralisatie of decentralisatie in het bestuur van het officiële stelsel voor voor- en vroegschoolse educatie.

GSM-02 Ordinaal · 1–5

Professionele autonomie

Brengt de mate van institutioneel verankerde pedagogische autonomie van professionals in de voor- en vroegschoolse educatie in kaart.

GSM-03 Ordinaal · 1–5

Inspectie

Brengt de mate van institutioneel toezicht, inspectie en externe evaluatie van voorzieningen voor voor- en vroegschoolse educatie in kaart.

GSM-04 Ordinaal · 1–5

Kwaliteitsborging

Brengt het bestaan, de organisatie en de ontwikkelingsgraad van institutionele mechanismen voor kwaliteitsborging in kaart.

B. Curriculum

Filosofie, structuur en belangrijkste pedagogische doelstellingen van het officiële curriculumkader.

GSM-05 Categorisch

Curriculumtype

Beschrijft de dominante pedagogische oriëntatie van het officiële curriculumkader voor voor- en vroegschoolse educatie.

GSM-06 Ordinaal · 1–5

Schoolrijpheid

Brengt in kaart in welke mate schoolrijpheid een officiële doelstelling van het curriculumkader vormt.

GSM-07 Ordinaal · 1–5

Leeruitkomsten

Brengt in kaart in welke mate het officiële curriculumkader duidelijk verwachte leeruitkomsten specificeert.

GSM-08 Ordinaal · 1–5

Formele instructie

Brengt in kaart hoeveel nadruk het officiële curriculum legt op gestructureerde, door de professional of leraar gestuurde instructie.

C. Pedagogiek

Kernprincipes van de pedagogiek en officieel gehanteerde benaderingen van leren.

GSM-09 Ordinaal · 1–5

Vrij spel

Brengt het belang in kaart dat aan vrij spel wordt toegekend als centraal mechanisme voor leren en ontwikkeling.

GSM-10 Ordinaal · 1–5

Begeleid spel

Brengt in kaart in welke mate begeleid spel als officiële pedagogische strategie is opgenomen.

GSM-11 Ordinaal · 1–5

Participatie van het kind

Brengt in kaart in welke mate het officiële curriculum het kind erkent als actieve participant in het leerproces.

GSM-12 Ordinaal · 1–5

Onderzoekend leren

Brengt in kaart in welke mate onderzoekend leren een officiële pedagogische benadering vormt.

D. Inclusie & Welbevinden

Institutionele verankering van inclusie, ouder- en gezinsbetrokkenheid en het welbevinden van het kind.

GSM-13 Ordinaal · 1–5

Inclusie

Brengt in kaart in welke mate inclusief onderwijs een fundamenteel beginsel van het officiële curriculumkader vormt.

GSM-14 Ordinaal · 1–5

Ondersteuning bij speciale onderwijsbehoeften

Brengt in kaart in welke mate het officiële stelsel georganiseerde ondersteuningsmechanismen biedt voor kinderen met speciale onderwijsbehoeften.

GSM-15 Ordinaal · 1–5

Ouder- en gezinsbetrokkenheid

Brengt in kaart in welke mate samenwerking tussen gezinnen en educatieve voorzieningen institutioneel is verankerd.

GSM-16 Ordinaal · 1–5

Welbevinden

Brengt in kaart in welke mate het welbevinden van het kind een centrale prioriteit van het officiële curriculumkader vormt.

E. Overgang & Continuïteit

Institutionele samenhang tussen voor- en vroegschoolse educatie en het primair onderwijs.

GSM-17 Ordinaal · 1–5

Overgang naar het primair onderwijs

Brengt in kaart in welke mate het officiële stelsel georganiseerde procedures biedt voor de overgang naar het primair onderwijs.

GSM-18 Ordinaal · 1–5

Curriculumcontinuïteit

Brengt de mate van continuïteit en afstemming tussen voor- en vroegschoolse educatie en het primair onderwijs in kaart.

18 18 Structurele Velden
Σ Normalisatie, weging en aggregatie
5 5 Structurele Assen

Hoe werkt het GSM?

De classificatie volgt een stabiel, controleerbaar en reproduceerbaar traject van officiële documentatie tot de uiteindelijke structurele typologie.

STRUCTURELE SYNTHESE

Hoe de vijf Structurele Assen worden afgeleid

De vijf Structurele Assen zijn geen primaire variabelen en worden evenmin handmatig toegekend. Ze worden volgens de officiële methodologie van het Giannou Structural Model (GSM) afgeleid uit de systematische verwerking van de achttien Structurele Velden.

Dit proces omvat opeenvolgende stappen van normalisatie, weging en structurele synthese en resulteert in het Structurele Profiel van elk nationaal stelsel voor voor- en vroegschoolse educatie.

  1. Officiële documentatie Extractie van evidentie
  2. 18 Structurele Velden Normalisatie
  3. Weging Structurele synthese
  4. 5 Structurele Assen Structureel Profiel

De Assen die het Structurele Profiel vormen

Verschoolsing

Speloriëntatie

Institutionele regulering

Academische oriëntatie

Sociale Inclusie & Welbevinden

De vijf Structurele Assen

De vijf Structurele Assen vormen de analytische kern van het Giannou Structural Model (GSM). Ze komen voort uit de systematische synthese van de achttien Structurele Velden en vertegenwoordigen de belangrijkste Structurele Dimensies die nationale stelsels voor voor- en vroegschoolse educatie kenmerken.

Samen vormen de vijf assen het Structurele Profiel van elk land en bieden zij de basis voor Structurele Analyse en uiteindelijke classificatie: een stelsel wordt toegewezen aan een van de zes stabiele Structurele Prototypes (T1–T6), of aan het Transitionele Structurele Type T7 wanneer aan de officiële overgangsvoorwaarden is voldaan.

Structureel Profiel

Selecteer een Structurele As of gebruik de interactieve grafiek.

De radargrafiek visualiseert het Structurele Profiel dat uit de vijf Structurele Assen voortkomt. Elke as vertegenwoordigt een afzonderlijke Structurele Dimensie van het onderwijsstelsel en draagt bij aan de totale Structurele Analyse.

Verschoolsing
3.4 / 5
Speloriëntatie
3.6 / 5
Institutionele regulering
3.4 / 5
Academische oriëntatie
3.4 / 5
Sociale Inclusie & Welbevinden
3.6 / 5

Mean: Average across the 104 national systems analysed.

Schaal: 1 = Zeer laag · 5 = Zeer hoog

Wetenschappelijke toelichting

De Structurele Assen zijn geen zelfstandige evaluatie-indicatoren. Ze worden uitsluitend geïnterpreteerd als onderdeel van het totale Structurele Profiel, overeenkomstig de methodologie van het Giannou Structural Model (GSM).

STRUCTURELE CLASSIFICATIE

Van Structureel Profiel naar definitief Structureel Type

De Structural Typology Resolver is het uiteindelijke computationele mechanisme van het GSM. Hij gebruikt uitsluitend reeds gevalideerde gegevens en herberekent of wijzigt de Structurele Velden, de vijf Structurele Assen of het gevalideerde Structurele Profiel niet.

De Resolver berekent diagnostisch de Structurele Gelijkenis tussen het Structurele Profiel en alle stabiele Structurele Prototypes T1–T6 en past vervolgens de officiële regels voor geschiktheid, Structurele Coherentie, toewijsbaarheid en Borderline Resolution toe. T7 wordt alleen beoordeeld wanneer geen stabiel Structureel Type kan worden toegewezen en aan de officiële overgangsvoorwaarden van het GSM is voldaan.

  1. Invoervalidatie

    Controleert de volledigheid, geldigheid, validatiestatus en versiecompatibiliteit van de officiële invoergegevens.

  2. Structurele Gelijkenis

    Berekent diagnostisch de Structurele Gelijkenis tussen het Structurele Profiel en alle stabiele T1–T6-Prototypes.

  3. Geschiktheid en Structurele Coherentie

    Past de officiële regels voor geschiktheid en Structurele Coherentie toe op alle stabiele Prototypes en vormt de verzameling toewijsbare kandidaten.

  4. Rangschikking en Borderline Resolution

    Rangschikt de toewijsbare Prototypes en past waar nodig de vooraf vastgelegde regels voor Borderline Resolution toe.

  5. Definitieve toewijzing

    Wijst het definitieve stabiele Structurele Type toe; T7 wordt uitsluitend beoordeeld en toegewezen wanneer aan de officiële overgangsvoorwaarden is voldaan.

Deterministisch Reproduceerbaar Traceerbaar

Structurele typologie (T1–T7)

Structurele typologie (T1–T7)

Het GSM omvat zes stabiele Structurele Prototypes (T1–T6) en één afzonderlijk Transitioneel Structureel Type (T7). De typen beschrijven verschillende structurele vormen van stelsels voor voor- en vroegschoolse educatie en vormen geen kwalitatieve rangorde.

T1 Stabiel Structureel Prototype

School- en academisch georiënteerd

Beschrijft stelsels waarin voorbereiding op het primair onderwijs, duidelijk omschreven leeruitkomsten en georganiseerde instructie dominante structurele beginselen van het officiële onderwijskader zijn.

T2 Stabiel Structureel Prototype

Gestructureerd curriculum en institutionele coherentie

Beschrijft stelsels waarin een coherent, institutioneel georganiseerd en formeel gereguleerd curriculumkader, samen met een hoge mate van institutionele coherentie, het bepalende structurele kenmerk vormt.

T3 Stabiel Structureel Prototype

Evenwichtig geïntegreerd

Beschrijft stelsels waarin verschillende pedagogische, leergerichte, institutionele en sociale logica op hoog niveau naast elkaar bestaan en als een coherent geheel functioneren.

T4 Stabiel Structureel Prototype

Ontwikkelingsgericht en spelgecentreerd

Beschrijft stelsels waarin de holistische ontwikkeling van het kind het belangrijkste structurele doel vormt en spel fungeert als centraal mechanisme voor de organisatie van leren.

T5 Stabiel Structureel Prototype

Sociale bescherming en welbevinden

Beschrijft stelsels waarin voor- en vroegschoolse educatie deel uitmaakt van een geïntegreerd publiek beleid voor Early Childhood Development, met sterke nadruk op sociale bescherming en welbevinden.

T6 Stabiel Structureel Prototype

Meerlagig en flexibel

Beschrijft stelsels waarin institutionele coherentie wordt bereikt via meerlagige, gedecentraliseerde of gemengde governancemechanismen, een hoge pedagogische autonomie en flexibele uitvoering van het officiële curriculum.

T7 Transitioneel Structureel Type

Transitioneel

Beschrijft stelsels die aantoonbaar een actieve structurele overgang doormaken en voldoen aan de officiële voorwaarden van het GSM en het Official Transition Registry. T7 is geen stabiel numeriek Reference Prototype en evenmin een kwalitatieve beoordelingscategorie.

MODELVALIDATIE

Validatie en Reproduceerbaarheid

De definitieve validatie van GSM v2.1.0 bevestigt dat de classificatie deterministisch en reproduceerbaar wordt uitgevoerd, zonder fouten in de controles op classificatie, drempelwaarden, assen, gelijkenis, betrouwbaarheid of integriteit.

Versie
GSM v2.1.0
Status
LOCKED
Validatie
PASS
Nationale stelsels
104
Deterministisch Reproduceerbaar

Validatieresultaten

Fouten
0
Niet-geclassificeerde stelsels
0
Fouten bij drempelcontroles
0
Fouten bij ascontroles
0
Fouten bij gelijkeniscontroles
0
Fouten bij betrouwbaarheidscontroles
0
Fouten bij integriteitscontroles
0

Gebruik in de tool

Het model fungeert als een vergelijkende analytische kaart. Gebruikers kunnen de Structurele Profielen van verschillende landen onderzoeken, verschillen identificeren en pedagogische en institutionele trends analyseren.

Beperkingen

De analyse is gebaseerd op institutionele en officiële documenten en weerspiegelt daarom niet noodzakelijk volledig de dagelijkse praktijk. Het model is niet bedoeld voor kwalitatieve beoordeling of rangschikking van onderwijsstelsels.

GSM Explorer verkennen